Wat begon als een mooi plan voor een nieuw zwembad, begint inmiddels een stuk minder zorgeloos te voelen. De kosten van De Slag zijn de afgelopen jaren flink opgelopen en dat roept steeds meer vragen op. Niet alleen bij Democratisch Zaanstad (DZ), maar ook bij iedereen die uiteindelijk met de gevolgen te maken krijgt.
De investering is inmiddels gestegen naar zo’n 38 miljoen euro. Maar daar blijft het niet bij. Ook de jaarlijkse kosten nemen fors toe. De huur alleen al gaat richting de 1,8 miljoen euro per jaar. Dat zijn bedragen die je niet zomaar wegpoetst.
En dan komt automatisch de vraag: waar komt dat geld vandaan?
Want hoe je het ook wendt of keert, dit soort kosten verdwijnen niet. Die komen ergens terecht. Misschien in de vorm van duurdere kaartjes voor het zwembad. Misschien doordat er op andere plekken in de stad minder geld beschikbaar is. Of een combinatie van beide.
Dat is precies waar de zorgen van Democratisch Zaanstad zitten. Niet omdat er geen goed zwembad zou moeten komen — integendeel — maar omdat het wel betaalbaar moet blijven. Voor de gemeente én voor inwoners.
Wat het extra lastig maakt, is dat het volledige financiële plaatje pas gaandeweg duidelijk lijkt te worden. Terwijl de kosten oplopen, wordt nu pas echt zichtbaar wat de impact is. En dat wringt. Want dit zijn geen kleine bedragen, maar keuzes die jarenlang doorwerken.
DZ heeft daarom vragen gesteld aan het college. Niet alleen over hoe het zover heeft kunnen komen, maar vooral over wat dit betekent voor straks. Hoe zorgen we ervoor dat dit project niet ten koste gaat van andere voorzieningen? En dat het zwembad ook gewoon toegankelijk blijft voor iedereen?
Want uiteindelijk draait het om één ding: een mooi plan is pas echt goed als het ook betaalbaar blijft. En op dit moment begint dat steeds meer onder druk te staan.

