DZ

Integriteit onder druk: Feiten of Interpretatie?

Hoe waarheidsvinding en persoonlijke perceptie botsen in ethische besluitvorming.

Gepubliceerd

op

Het (voortraject van het) integriteitsonderzoek tegen fractieleider Juliëtte Rot roept vragen op over de integriteit en transparantie van het proces. Burgemeester Hamming heeft in het voortraject in strijd met het tot het normenkader behorende “meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers” gehandeld. De opdracht aan het externe bureau om feiten te zoeken duurde maar liefst tien maanden, waarna het definitieve rapport vandaag aan de raad verstuurd zou worden door burgemeester Hamming zonder dat Rot hier inzage in heeft gekregen. Vanwege deze onregelmatigheden is vandaag een officiële integriteitsklacht ingediend bij de gemeenteraad. Accepteert de gemeenteraad deze gang van zaken? Lees verder voor alle details.

Geachte leden van de gemeenteraad,

Een integriteitsonderzoek heeft een grote impact, alleen al door een aankondiging van een dergelijk onderzoek.

Vaak wordt een dergelijk onderzoek voor twijfelachtige redenen gestart dan wel uitgevoerd zoals is te horen in deze podcast; https://open.spotify.com/episode/0ix3p1hlznNxeHV1uEnrQP

Elsevier Weekblad vraagt zich af ‘hoe integer is de integriteitsindustrie’?
https://www.ewmagazine.nl/nederland/achtergrond/2024/11/hoe-integer-is-bezemer-en-schubad-zelf-1438984/

Een dergelijk onderzoek heeft een melder, een voortraject en een eventueel onderzoek door een extern bureau.

In de Orkaan wordt op 26-11-2024 de woordvoerder van de gemeente als volgt geciteerd;

“Niet burgemeester Hamming maar anderen – waarschijnlijk raadsleden – zouden een klacht ingediend hebben over DZ-fractievoorzitter Juliëtte Rot. Dat was voor de burgemeester aanleiding om in juni van dit jaar het Utrechtse onderzoeks- en adviesbureau Necker de opdracht te geven de integriteit van Rot te laten onderzoeken.”

Op 11-06-2024, drie maanden eerder, meldt het meldpunt integriteit het volgende;

“Op basis van het eerdergenoemde meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers is de eerste stap dat we nagaan of er sprake is van een concreet vermoeden van een integriteitsschending. De zogenaamde validatiefase. Dit willen we zorgvuldig doen door de melder, in dit geval burgemeester, te horen.”

Conclusie kan getrokken worden dat Burgemeester Hamming de melder is en dat het meldpunt werkt conform het ‘meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers’.

Om zorgvuldigheid te betrachten tijdens het voortraject, zijn er een aantal protocollen van toepassing. 

Op 26 juni 2024 schrijft burgemeester Hamming mij het volgende:

In het geval van een onderzoek naar integriteit geldt het meld- en onderzoeksprotocol politieke ambtsdragers Zaanstad

en

“Op grond van ons Meld- en onderzoeksprotocol voor politieke ambtsdragers heb ik met de griffier en de coördinator integriteit de mogelijkheden voor een onderzoek besproken, waarbij wij tot de conclusie zijn gekomen dat een onderzoek, gericht op de intentie en toepassing van de gedragscode voor raadsleden van Zaanstad, de meest passende oplossing is.”

In de aanbiedingsbrief, met kenmerk 7676393, ‘Meld- en onderzoeksprotocol Integriteit politiek ambtsdragers gedateerd’ op 04-10-2023 schrijft Burgemeester Hamming:

Aanleiding hiervoor is dat zowel vanuit raadsleden en collegeleden er behoefte is om de te doorlopen stappen bij een melding, vooraf met elkaar helder te hebben. Een protocol kan hierbij helpen

Het ‘Meld- en onderzoeksprotocol Integriteit politiek ambtsdragers’ stelt:

De Gedragscodes voor respectievelijk de burgemeester van Zaanstad, wethouders van Zaanstad en voor de gemeenteraad van Zaanstad, vormen samen met het Gentle Agreement en dit protocol de basisstructuur van de bestuurlijke integriteit.

Op 21-11-2024 schrijft Burgemeester Hamming in zijn mail aan het presidium; 

“In haar brief refereert mw. Rot aan diverse normenkaders. Het normenkader waaraan ik bij elk onderzoek naar handelingen van een raadslid ben gehouden, wordt gevormd door de bij u bekende Gedragscode en Gentle agreement. Over mijn uitvoering van mijn plicht langs de afspraken van de Gentle Agreement, leg ik (enkel) verantwoording af aan de gemeenteraad. Dit omdat de Gentle agreement een vrijwillige overeenkomst is waarvan de naleving niet kan worden voorgelegd aan een bestuursrechter.”

Burgemeester Hamming vermeld opmerkelijk genoeg niet het ‘Meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers’

Nadat ik Burgemeester Hamming hier opmerkzaam op heb gemaakt, schrijft Burgemeester Hamming op 28-11-2024 het volgende: 

Mijn antwoord op uw twijfel kan kort zijn. De reden waarom ik in mijn mail aan de fractievoorzitters dat protocol niet noemde, is simpelweg omdat dit protocol niet is vastgesteld door de gemeenteraad. Eind vorig jaar stuurde ik uw raad dit door mij vastgestelde protocol (slechts) ter kennisname toe. 

Het karakter en doel van het alleen door mij vastgestelde protocol is dat ik daarmee tegenover iedereen die het betreft, mijn richtlijn transparant heb gemaakt over onder andere de manier waarop ik de nodige belangenafwegingen heb te doen alvorens ik besluit tot het instellen van een integriteitsonderzoek. Van die richtlijn kan ik uiteraard besluiten om af te wijken als ik tot het oordeel kom dat de omstandigheden dat van mij vragen.

Op 21-11-2024 stelt Burgemeester Hamming, dat het Gentle Agreement een “vrijwillige overeenkomst” is, maar verzuimd te vermelden dat niet alle raadsleden/fracties deze overeenkomst hebben geaccordeerd.

Vastgesteld kan worden dat Burgemeester Hamming dus weinig consistent is, want het ‘gentle agreement’ is niet door de volledige raad geaccordeerd en dus is er niets meer of minder dan het ‘Meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers’.

Ook de Commissaris van de Koning, de Gemeentelijke Ombudsman, de Gemeente Secretaris, het meldpunt integriteit en de burgemeester zelf, gaan uit van het ‘Meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers’.

De Commissaris van de Koning in zijn email 12-12-2024;

Zoals in onze eerdere mail vermeldt, heeft de gemeente de melding op grond van het protocol van de gemeente Zaanstad naar de commissaris van de Koning doorgestuurd. “

De Gemeentelijke Ombudsman in zijn mail van 11-06-2024:

“Op pagina 3 van het meld- en onderzoeksprotocol Integriteit politieke ambtsdragers staat vermeld dat bij een integriteitsmelding die de burgmeester betreft, de commissaris van de Koning bevoegd is om de melding te onderzoeken”

De Gemeentesecretaris in haar mail 19-07-2024 aan de Commissaris van de Koning over de integriteitsklacht betreffende burgemeester Hamming van Juliëtte Rot.

“De klacht is in eerste instantie door het raadslid aan de ombudsman gestuurd. Het raadslid heeft ons verzocht om deze klacht aan u door te sturen op grond van onsProtocol Politieke Ambtsdragers (zie bijlage (Meld- En Onderzoeksprotocol Integriteit Politieke Ambtsdragers)).”

Burgemeester Hamming in zijn email van 26-6-2024: 

“Geachte leden van het Presidium,

Eerder heb ik de gemeenteraad geïnformeerd over het uitvoeren van een onafhankelijk onderzoek naar handelingen van raadslid Rot. Conformhetmeld-enonderzoeksprotocolinformeer ik u hierbij over de voortgang van het proces hiertoe.”

MeldpuntIntegriteit in de email van 11-06-2024:

Volgens het Meld- en onderzoeksprotocol Integriteit politieke ambtsdragers (zie bijlage) wordt een onderzoek pas gestart op grond van een concreet vermoeden van een integriteitsschending. We bevestigen hierbij de ontvangst van deze melding en zullen deze in behandeling nemen conform bijgaand protocol.

Naar aanleiding van de email gedateerd op 28-11-2024 van Burgemeester Hamming, waarin hij het meldprotocol tot zijn “persoonlijke protocol” converteert, stel ik op 03-12-2024 aan het meldpunt de vraag waarom het meldpunt gebruik maakt van het “persoonlijke protocol” van de Burgemeester. 

Op 12-12-2024 antwoordt de coördinator integriteit namens het meldpunt;

“Voor een antwoord op deze vraag, stuur ik uw mail door aan de burgemeester.”

Het ‘onafhankelijke’ meldpunt laat haar eigen handelen, blijkbaar verklaren door Burgemeester Hamming waardoor de schijn van afhankelijkheid van het meldpunt ontstaat. 

Op 30-12-2024 verklaart Burgemeester Hamming, het handelen van het meldpunt als volgt en bevestigd daarmee de afhankelijkheid (in ieder geval de schijn van) van het meldpunt:

In uw mail van 3 december jl. die mij via het Meldpunt Integriteit bereikte, vraagt u samengevat waarom de doorzending van uw integriteitsklacht over mij aan de Commissaris van de Koning is getoetst aan het Protocol Politieke ambtsdragers.

Het antwoord op uw vraag is dat dit door mij vastgestelde Protocol de transparante norm is waarlangs ik de afwegingen dien te maken en motiveren als het gaat om mijn procedurele afhandeling (of de afhandeling namens mij) van integriteitskwesties van politieke ambtsdragers.

Omdat u in uw mail van 3 december jl. ook een interpretatie vastlegde over de strekking van mijn eerdere mail aan de fractievoorzitters, licht ik u graag aanvullend toe dat ik met het in die mail benoemen van het feit dat dit Protocol geen dwingend voorgeschreven voorschriften bevat, niet tegensprak dat dit Protocol de geldende procedurele richtlijn is voor de afhandeling van integriteitskwesties.

Uiteindelijk bevestigd Burgemeester Hamming nu toch zelf dat het ‘Meld- en onderzoeksprotocol Integriteit politieke ambtsdragers’ de “geldende procedurele richtlijn is voor de afhandeling van integriteitskwesties.” en geen “persoonlijk” protocol.

Ik heb vastgesteld dat Burgemeester Hamming in het voortraject, afwijkt van het ‘Meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers’. Meerdere afwijkingen onderbouwen feitelijk dat Burgemeester Hamming op weinig integere wijze het voortraject heeft doorlopen.

De meest pregnante afwijkingen treft u hieronder aan.

Afwijkingen:

“Feiten”

Het onderwerp en agenda van het gesprek op 3 juni 2024, werd mij niet op voorhand door Burgemeester Hamming kenbaar gemaakt, ondanks verzoeken daartoe.

Tijdens het gesprek werden geen feiten gepresenteerd, maar liet burgemeester Hamming zijn gevoel de vrije loop. Volgens de burgemeester werd de schijn gewekt niet-integer handelen, op basis van zijn eigen aannames en interpretaties.

Zijn gevoel was dat er informatie werd doorgegeven aan een familie woonachtig op de Hemkade. Dit zou moeten blijken uit het feit dat de familie, de strategisch adviseur van de burgemeester, rechtstreeks zouden hebben aangeschreven.
Wonderlijk genoeg, verwarde burgemeester Hamming de familie met een brief van een inwoner uit Krommenie, die de strategisch adviseur had aangeschreven.

Verder koppelde burgemeester Hamming het schrijven aan de strategisch adviseur, aan mijn persoonlijke mededeling aan de burgemeester Hamming, dat ik de strategisch adviseur, in de rechtszaak zou ontmaskeren. Deze rechtszaak betreft een WOB-verzoek van NSV. De ontmaskering is door de rechter inmiddels bevestigd door de recentelijke uitspraak in deze kwestie. 

Volgens burgemeester Hamming zou het aanschrijven van de strategisch adviseur, gedaan zijn, vlak na mijn mededeling aan hem over het ontmaskeren van de strategisch adviseur en daarmee zou aangetoond zijn dat er sprake is van en rechtstreeks verband. Die opmerking sloeg echter op een heel andere casus met een andere context.

Omdat burgemeester Hamming zijn gevoel over de schijn van niet-integer handelen, baseerde op zijn eigen aannames en interpretaties, waar ik niks mee kon, heb ik burgemeester Hamming verzocht zijn aantijgingen te formaliseren zodat ik mij daar tegen zou kunnen verdedigen.

Geformaliseerde aantijgingen heb ik niet mogen ontvangen van burgemeester Hamming.

Vervolgens heb ik het meldpunt Integriteit verzocht, om de feiten die aangedragen zouden moeten zijn door burgemeester Hamming, dit om de melding te valideren, mij te doen toekomen.  Ook de feiten die burgemeester Hamming zou hebben moeten aangedragen aan het meldpunt, ter validatie, heb ik nooit van het meldpunt mogen ontvangen. Terwijl in het meldprotocol is vastgelegd, dat de melding wordt geregistreerd in een daarvoor ingericht register.

Vervolgens heb ik het externe bureau verzocht de onderzoeksopdracht en de aangedragen feiten, die aanleiding zouden moeten zijn voor een extern onderzoek, aan mij te doen toekomen. Ook het externe bureau voldeed niet aan mijn verzoek.

Het niet aanleveren van de feiten door de burgemeester, in de onderzoeksopdracht, aan het meldpunt integriteit en het externe onderzoeksbureau, zijn een ernstige aantasting van de rechtsbescherming van een raadslid. 

De vraag waar het meldpunt Integriteit haar validatie op heeft gebaseerd blijft dan ook onduidelijk en openstaan.

Wonderlijk genoeg blijkt uit het conceptrapport dat het onderzoeksbureau wel veel documentatie heeft gekregen, welke ik ook niet heb ontvangen. Bovendien heeft het bureau niet de opdracht gekregen om “feiten” te “onderzoeken” maar “feiten” dient te “zoeken”, zo blijkt uit de onderzoeksvragen die het externe bureau later in het (concept) rapport definieert. 

Deze gang van zaken en het alleen mondeling willen bespreken van mijn vragen, door het bureau, waarbij ik tevens zou moeten verklaren, dat ik akkoord zou zijn met de voorwaarde dat mijn vragen alleen beantwoord zouden worden indien ik aan het gesprek zou deelnemen, waarmee dan meteen het onderzoek gestart zou zijn bevestigt “dat Necker Integriteit op geen enkele wijze aansprakelijk kan worden gehouden voor de inhoud en gevolgen van de uitvoering van de in dit document omschreven werkzaamheden en het daaruit volgende rapport.” Zoals ik de raad reeds meldde was dit en het ontbreken van de feiten voor mij de reden om niet mee te werken aan het onderzoek.

“Validatie”

Burgemeester Hamming meldt reeds op 4 juni 2024, notabene één dag na het eerste gesprek met Juliëtte Rot dat hij “daartoe een extern onderzoek zal laten uitvoeren”. 

Burgemeester Hamming stelt dat er een extern onderzoek komt, terwijl het meldpunt Integriteit nog niet gevalideerd heeft. Het melden op dat moment door burgemeester Hamming dat hij een extern onderzoek gaat laten uitvoeren, maakt dat burgemeester Hamming een niet-integere handeling pleegt en de schijn van vooringenomenheid op zich laadt.

In het protocol wordt aangegeven dat indien uit de validatie blijkt dat er concrete aanwijzingen voor nader onderzoek, dat de burgemeester Hamming mij zou hebben moeten informeren. Burgemeester Hamming heeft mij niet geïnformeerd. Het nalaten mij te informeren door burgemeester Hamming is eveneens een niet-integere handeling.

 “Onderzoeksvraag extern bureau”

Het ‘Meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers’, stelt het volgende over de door burgemeester Hamming te verstrekken onderzoeksopdracht.

“In de onderzoeksopdracht is opgenomen: 

  • de aanleiding en het doel en onderzoeksvragen van het onderzoek;
  • de reikwijdte; 
  • onderzoekshandelingen en methoden;
  • de gewenste duur van het onderzoek;
  • de overeengekomen kosten van het onderzoek;
  • de bevoegdheden waarvan de onderzoeker gebruik mag maken;
  • het voorleggen van de bevindingen aan de politieke ambtsdrager en het vastleggen van diens reactie daarop;
  • afspraken over vertrouwelijkheid van het onderzoeksrapport en de daaraan verbonden stukken; 
  • de informatieverstrekking;
  • afspraken over eigendom van het onderzoeksrapport en de bevoegdheid tot gebruik daarvan in onder meer juridische procedures;
  • dat de onderzoeker werkt conform de richtlijnen van dit protocol.

In het (concept) rapport van het externe bureau worden de volgende onderzoeksvragen geformuleerd; 

  • Het in kaart brengen van de interactie die heeft plaatsgevonden tussen het raadslid mevrouw Rot, de gemeente en de eerdergenoemde inwoners;
  • Het feitelijk beschrijven van het handelen van het raadslid in deze interactie;
  • Het formuleren van het van toepassing zijnde normenkader;
  • Het toetsen van het handelen van raadslid mevrouw Rot aan het voor raadsleden geldende normenkader.

Burgemeester Hamming heeft dus geen feiten aan het onderzoeksbureau ter toetsing aangereikt maar verzocht het extern bureau “in kaart brengen”, “feitelijk beschrijven”, “formuleren van het van toepassing zijnde normenkader” en de in kaart gebrachte “feiten”, om deze vervolgens te toetsen aan het door het externe bureau geformuleerde normenkader.

Hiermee wordt niet voldaan aan het protocol dat zegt dat burgemeester Hamming het externe onderzoeksbureau “de aanleiding en het doel en onderzoeksvragen van het onderzoek”  moet definiëren in de onderzoeksopdracht.

Indien burgemeester Hamming de onderzoeksvragen zoals opgetekend door het externe bureau wel als zodanig in de onderzoeksopdracht heeft geformuleerd, dan voldoet burgemeester alsnog niet aan het protocol.

Het ‘Meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers’ stelt namelijk tevens het volgende:

Een vermoeden van een schending kan voldoende zijn om een melding te doen. Het vermoeden moet wel op redelijke gronden gebaseerd zijn: op eigen kennis of waarneming en niet op basis van bijvoorbeeld horen zeggen.

Voorgaande verhinderd dat burgemeester Hamming dergelijke onderzoeksvragen, zoals opgetekend door het externe bureau en dus feitelijk van burgemeester Hamming afkomstig zouden moeten zijn, kan opnemen in de onderzoeksopdracht, zoals verstrekt aan het externe bureau. 

Burgemeester Hamming had ook al aan het meldpunt Integriteit feiten ter validatie hebben moeten voorleggen, die zijn eigen aannames en interpretaties en daarmee de door hem veronderstelde schijn van niet-integer handelen, zouden onderbouwen. 

De onderzoeksvragen van het externe bureau roepen de volgende vragen op:

Hoe kan het meldpunt Integriteit valideren, als het meldpunt de interactie die heeft plaatsgevonden tussen het raadslid, de gemeente en de eerdergenoemde inwoners, nog in kaart moeten worden gebracht, zoals uit de onderzoeksvragen van het externe bureau blijkt?

Hoe kan het meldpunt Integriteit valideren, als het meldpunt het handelen van het raadslid in deze interactie niet feitelijk heeft beschreven, zoals uit de onderzoeksvragen van het externe bureau blijkt?

Hoe kan het meldpunt Integriteit valideren, als het meldpunt het van toepassing zijnde normenkader niet heeft gedefinieerd, zoals uit de onderzoeksvragen van het externe bureau blijkt?

Hoe kan het meldpunt Integriteit valideren, als het meldpunt niet het handelen van het raadslid, aan het voor raadsleden geldende normenkader heeft getoetst, zoals uit de onderzoeksvragen van het externe bureau blijkt?

Er kan niet anders dan geconcludeerd worden, dat de schijn wordt gewekt dat het meldpunt Integriteit dit niet heeft gedaan, anders zouden dit de onderzoeksvragen niet zijn van het externe bureau. Ook heeft het meldpunt na mijn verzoek om de feiten, aangedragen door burgemeester Hamming ter validatie, aan mij te doen toekomen, niet gehonoreerd. Hierdoor wekt het voorgaande de schijn, dat het meldpunt deze ook niet heeft gekregen.

Vervolgens conform het protocol adviseert de griffier de burgemeester, waarbij het oordeel van de coördinator integriteit als bijlage wordt gevoegd. Ook deze bijlage heb ik niet mogen ontvangen. Wat de schijn wekt dat deze bijlage niet bestaat, anderzijds de schijn wekt dat de griffier akkoord is gegaan met de validatie niet conform het meldprotocol.

Daarna beslist de burgemeester over het instellen van het onderzoek. Ook burgemeester Hamming wekt hier de schijn, dat hij heeft beslist over zijn eigen melding, zonder een validatie die aan de vereisten van het meldprotocol voldoet.

Reeds vele jaren acteer ik als raadslid op dezelfde manier, waarbij ik nooit klachten heb gehad en vind het opmerkelijk, nu, dat burgemeester Hamming zelf betrokken is in rechtszaken (met de familie woonachtig op de Hemkade) zoals hij zelf tijdens het gesprek op 03 juni 2024 meldde, dat een extern onderzoeksbureau “feiten” in kaart moet gaan brengen en beschrijven maar er geen initiële “feiten” gemeld worden door burgemeester Hamming, die dan door een extern bureau zouden kunnen worden beoordeeld. Bij mij roept dat het beeld op, dat burgemeester Hamming zijn persoonlijke belang nastreeft om mogelijk de uitkomsten van het onderzoek te kunnen gebruiken in de rechtszaken waar burgemeester Hamming zelf heeft gezegd in te zijn verwikkeld.

“Wat mij overkomt kan tegen ieder raadslid worden ingezet.”

Om maar een actuele zaak te noemen: het toetsen van een woningvormingsvergunning aan toekomstige regels, waarbij een steunfractielid stelt dat de gemeente in deze kwestie zich geen betrouwbare overheid toont. Het lijkt mij volkomen terecht dat dit steunfractielid deze kritische houding aanneemt maar biedt zichzelf, bij wijze van spreken, aan als het volgende slachtoffer van de Bermudaanse Integriteit Driehoek van burgemeester Hamming, indien de gemeenteraad het burgemeester Hamming toestaat om het meldprotocol niet na te leven of onderdeel te laten zijn van het normenkader zoals in mijn casus is gebeurd.

Burgemeester Hamming beschrijft in zijn aanbiedingsbrief 03-10-2023 het protocol “meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers” als volgt “een protocol/werkinstructie waarin de stappen staan beschreven die worden gezet als er sprake is van een melding integriteit. Aanleiding hiervoor is dat zowel vanuit raadsleden en collegeleden er behoefte is om de te doorlopen stappen bij een melding, vooraf met elkaar helder te hebben. Een protocol kan hierbij helpen.

Zoals is aangetoond, hanteren de commissaris van de koning, de gemeentelijke ombudsman, het meldpunt integriteit en de gemeentesecretaris het protocol “meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers” wel als leidraad voor hun handelen.

In een schril en niet acceptabel contrast, staat het handelen in het voortraject bij de integriteitsklacht van burgemeester Hamming, waarbij burgemeester Hamming verklaart, afhankelijk van hoe het hem uitkomt, dat het protocol wel of niet van toepassing is.

Burgemeester Hamming wist, ondanks het hanteren van het protocol door de commissaris van de koning, de gemeentelijke ombudsman, het meldpunt integriteit, de gemeentesecretaris en nota bene hemzelf in de openbaarheid, te verklaren dat het een persoonlijk protocol zou zijn. Zelfs al zou het een persoonlijk protocol zijn dan nog dient burgemeester Hamming zich te verantwoorden waarom zijn handelen afwijkt met als gevolg het aantasten van de rechtsbescherming van een raadslid.

Integriteit is de ruggengraat van het vertrouwen in de lokale democratie. De manier waarop het “Meld- en onderzoeksprotocol integriteit politieke ambtsdragers” wordt toegepast, raakt niet alleen individuele raadsleden, maar bepaalt ook hoe de rechtsbescherming en geloofwaardigheid van de gemeenteraad als geheel worden gewaarborgd. 

Uit de feiten blijkt dat burgemeester Hamming, bij het toepassen van dit protocol, op cruciale punten afwijkt of inconsistent handelt, wat minstens de schijn wekt van een procedure die vooringenomen, niet transparant en objectief is. 

Dit is geen theoretisch probleem – dit raakt u persoonlijk. Wat mij overkomt, kan ieder van u overkomen. Vandaag is het, ene raadslid, morgen kan het een ander zijn. 

Wanneer een burgemeester zonder voldoende toetsbare basis, een integriteitsonderzoek kan initiëren en kan laten evolueren tot een zoektocht in plaats van het toetsen van de feiten, zonder de noodzakelijke controlemechanismen, dan wel dat deze lijken samen te spannen, dan is geen enkel raadslid veilig voor willekeurige aantijgingen die dan evolueren in externe zoektochten.

Geachte leden van de gemeenteraad, we bevinden ons op een cruciaal moment: negeert u deze gang van zaken, dan schept u een precedent, waarbij iedere kritische volksvertegenwoordiger in eenzelfde positie kan belanden. De geschiedenis laat zien dat inactieve toeschouwers onbedoeld bijdragen aan een systeem dat hen later zelf kan treffen. De vraag is niet of, maar wanneer dit een volgende keer zal gebeuren.

Daarom dien ik bij u een integriteitsklacht in, om het handelen van burgemeester Hamming en het niet toepassen van het meld- en onderzoeksprotocol te beoordelen. Het orgaan dat een integriteitsklacht betreffende een burgemeester dient af te wikkelen is de gemeenteraad.

Dit kan objectief en onafhankelijk worden gedaan door een externe expert met onbetwiste autoriteit op dit gebied: een recentelijk met emeritaat gegane hoogleraar gespecialiseerd in bestuurlijke integriteit. https://www.ru.nl/over-ons/nieuws/afscheid-hoogleraar-michiel-de-vries

Uw actieve inzet is niet slechts een keuze, het is uw verantwoordelijkheid. Uw collega’s, uw kiezers en toekomstige raadsleden rekenen op u. 

Met vriendelijke groet,

Juliëtte Esmée Rot.

MEEST GELEZEN

Mobiele versie afsluiten