Openbaar Vervoer Gedoe

“Senioren maken zich massaal zorgen over de toekomst van het OV” kopt de ingezonden brief van de ANBO-PCOB aan de gemeente Zaanstad.

“Bijna negen van de tien 65-plussers maken zich zorgen over de toekomst van het openbaar vervoer in Nederland. Dat blijkt uit een representatieve peiling over mobiliteit en openbaar vervoer die ouderenorganisatie ANBO-PCOB liet uitvoeren onder 7.863 senioren.”

Ik vraag me af of het aantal van 7.863 senioren wel zo representatief is voor de bevolking voor een sterk vergrijzend Nederland. Sterker nog, het is maar 6,5% van het aantal leden van de deze ouderenorganisatie. 92% van 6.5% vindt dat dus.

Ik las het bericht en mijn eerste gedachte was: Ik maak me helemaal geen zorgen over het OV. Het OV zal me een rotzorg wezen. Dat ik voor het laatst op een koud en tochtig perron met een veel te duur kaartje in de zak op een overvolle en veel te kleine trein heb staan wachten is al jaren geleden. Om over een ritje met de bus maar te zwijgen. Te duur en duurt te lang. 

Nee hoor, lekker op de fiets of gewoon met de auto als de bestemming buiten Zaanstad ligt, het weer niet mee zit, of het gevaar van fietsendiefstal me te groot lijkt.

Als familie of bekenden naar het ziekenhuis of iets dergelijks moeten en ze willen het OV gebruiken, bied ik ze meestal aan om ze even te brengen met de auto. Het OV is iets wat je in uiterste nood gebruikt. Niet comfortabel, niet goedkoop en niet snel genoeg.

Maar, ik ben dan ook nog geen senior. Over drie jaar ben ik pas officieel ‘senior’. Ik betwijfel of ik er dan anders over denk. Ik ben niet van plan om me zorgen over het OV te gaan maken. Daar ben ik in mijn junior-dagen al mee gestopt.